Chinese Verf: Van Porselein tot Pigment

16/11/2019

Rating: 3.98 (3845 votes)

De term 'Chinese verf' roept vaak beelden op van delicate kunstwerken, verfijnde patronen en een diepe culturele geschiedenis. Maar wat is Chinese verf precies, en waarvan is het gemaakt? Dit artikel duikt in de fascinerende wereld van zowel de materialen die gebruikt worden om traditioneel Chinees porselein te beschilderen, als het beroemde pigment dat de naam 'Chinees wit' draagt. Bereid u voor op een reis die de technische aspecten, de artistieke methoden en de historische evolutie van deze unieke verven belicht.

Waarvan is Chinese verf gemaakt?
Overglazuur porseleinverf bestaat uit gemalen minerale verbindingen gemengd met vloeimiddel . Verf kan dure elementen bevatten, waaronder goud. Het vloeimiddel is een fijngemalen glas, vergelijkbaar met porseleinglazuur. De verfpoeder wordt gemengd met een medium, meestal een soort olie, voordat het op het geglazuurde object wordt aangebracht.

De kunst van het beschilderen van porselein in China is eeuwenoud en wordt gekenmerkt door een diepgaand begrip van materialen en technieken. Het porselein zelf, een essentieel canvas voor deze verf, wordt door de Chinezen gedefinieerd als een type aardewerk dat hard, compact en fijngranig is, dat niet met een mes kan worden gekrast en dat resoneert met een heldere, muzikale toon wanneer het wordt aangetikt. Het hoeft niet per se wit of doorschijnend te zijn, hoewel dit vaak wel het geval is bij de meest verfijnde stukken.

Inhoudsopgave

De Grondbeginselen van Chinees Porselein

De basis van Chinees porselein ligt in de samenstelling van specifieke kleisoorten en mineralen. Het hoofdbestanddeel is kaolien, een witte, fijne klei die de porselein zijn karakteristieke witheid en plasticiteit geeft. Deze klei wordt gemengd met petuntse, ook wel bekend als porseleinsteen, een veldspaat- en kwartshoudend mineraal. Deze combinatie is cruciaal voor de hardheid en doorschijnendheid van het uiteindelijke product. De verhouding en zuiverheid van deze ingrediënten bepalen in grote mate de kwaliteit van het porselein.

Het glazuur, de doorschijnende of ondoorschijnende laag die het porselein zijn glans en bescherming geeft, wordt bereid uit petuntse gemengd met vloeibare kalk. De hoeveelheid kalk in het glazuur is bepalend voor de kwaliteit; minder kalk resulteert in een hoogwaardiger glazuur. De kalk geeft het glazuur een subtiele groene of blauwe tint, een briljant oppervlak en een gevoel van diepte. Deze glazuurlaag is niet alleen esthetisch, maar ook functioneel, omdat het de beschilderingen beschermt en de duurzaamheid van het porselein verhoogt.

De baktemperaturen zijn een cruciaal aspect van porseleinproductie. Harde-pasta porselein, de traditionele Chinese variant, wordt gebakken bij extreem hoge temperaturen, variërend van 1.260 tot 1.300 °C (2.300 tot 2.370 °F). Zachte-pasta porselein, een latere Europese uitvinding, wordt daarentegen gebakken bij lagere temperaturen, van 1.000 tot 1.100 °C (1.830 tot 2.010 °F). Het bakproces moet nauwkeurig worden gecontroleerd om te voorkomen dat het stuk verzakt of vervormt. Ondanks de lagere baktemperatuur heeft zachte-pasta porselein na het bakken vergelijkbare eigenschappen en uiterlijk als harde-pasta porselein, inclusief doorschijnendheid.

Hoewel 'bone china' (beenderporselein) een Engelse uitvinding is, die rond 1744 werd gepatenteerd en geperfectioneerd door Josiah Spode, is het relevant om te vermelden vanwege zijn relatie met porselein. De basisformule van bone china bestaat uit 50% gecalcineerd runderbot, 25% Cornish stone en 25% porseleinklei. Het resulterende materiaal is sterk, wit en doorschijnend, en resoneert wanneer het wordt aangetikt. Het wordt gebakken bij een middelhoge temperatuur, tot 1.200 °C (2.190 °F), wat een veel beter 'lichaam' oplevert dan zachte-pasta objecten met een glashoudend frit. De lagere baktemperatuur maakt ook een breder scala aan kleuren voor decoratie mogelijk, omdat meer metaaloxiden hun samenstelling kunnen behouden en zich aan het oppervlak kunnen binden.

Ter vergelijking, aardewerk is ondoorzichtig en heeft een relatief grove textuur, terwijl porselein doorschijnend is met een fijne textuur van minuscule kristallen verspreid in een transparante glasachtige matrix. Bij aardewerk wordt het 'biscuit' (ongeglazuurde klei) eerst gebakken bij 1.100 tot 1.160 °C, waarna het glazuur wordt aangebracht en bij een lagere temperatuur wordt gebakken. Bij steengoed en porselein wordt het biscuit meestal gebakken bij 950 tot 1.000 °C, en vervolgens het glazuur bij 1.220 tot 1.300 °C. Omdat de glazuurtemperatuur hoger is dan de biscuittemperatuur, reageert het glazuur met het 'lichaam' van het porselein, wat de uiteindelijke uitstraling beïnvloedt.

Schildermethoden op Chinees Porselein: Onderglazuur en Bovenglazuur

De daadwerkelijke 'Chinese verf' voor porseleindecoratie bestaat uit minerale verbindingen. Traditioneel Chinees porselein omvatte zowel schilderen onder het glazuur als over het glazuur, elk met hun eigen unieke eigenschappen en uitdagingen.

Onderglazuur Schilderen

Bij onderglazuur schilderen wordt de verf aangebracht op een ongeglazuurd object, dat vervolgens wordt bedekt met glazuur en gebakken. Deze methode vereist een ander type verf dan bovenglazuur schilderen, omdat het glazuur aan zeer hoge temperaturen moet worden blootgesteld om zich aan de pasta te binden. Slechts een zeer beperkt aantal kleuren is bestand tegen dit proces. Blauw, vaak afkomstig van kobalt, werd veelvuldig onder het glazuur gebruikt, zowel in China als later in Europa, zoals bij Engels Royal Worcester-ware. De reden hiervoor is dat kobalt een van de weinige pigmenten is die zijn levendige kleur behoudt bij de extreem hoge temperaturen die nodig zijn om het porselein en het glazuur te fusioneren.

Onderglazuur schilderen vereist aanzienlijk meer vaardigheid dan bovenglazuur, omdat defecten in de schildering vaak pas na het bakken zichtbaar worden. Bovendien veranderen zelfs vuurvaste verven van kleur in de grote hitte. Een licht violet kan veranderen in een donkerblauw, en een bleekroze in een bruin-karmozijn. De kunstenaar moet deze veranderingen anticiperen en een diepgaand begrip hebben van de chemie van de pigmenten. Decoraties met mazarineblauw onderglazuur zijn doorgaans vrij eenvoudig, met veel gebruik van contouren en brede schaduwen. De Japanners stonden bekend om hun vaardigheid in het afbeelden van bloemen, planten en vogels in onderglazuurschilderingen die zo min mogelijk penseelstreken gebruikten, wat getuigt van hun meesterschap over deze techniek.

Wordt er verf van PPG verkocht?
PPG - PPG rondt verkoop af van zijn Amerikaanse en Canadese architecturale coatingsactiviteiten aan American Industrial Partners.

Bovenglazuur Schilderen

Bovenglazuur porseleinverven zijn gemaakt van gemalen minerale verbindingen gemengd met een vloeimiddel (flux). Dit vloeimiddel is een fijn gemalen glas, vergelijkbaar met porseleinglazuur, maar met een lager smeltpunt. Deze verven kunnen dure elementen bevatten, waaronder goud, wat bijdraagt aan de luxe uitstraling van veel Chinese exportporselein. Het poederachtige pigment wordt gemengd met een medium, meestal een soort olie, voordat het op het geglazuurde object wordt geborsteld. De techniek is vergelijkbaar met aquarelverven, maar met het voordeel dat de verf, zolang deze nog vochtig is, met een licht bevochtigde kwast kan worden verwijderd, waardoor de oorspronkelijke ondergrond weer zichtbaar wordt. Stukken met bovenglazuur schilderingen worden vaak 'geëmailleerd' genoemd, verwijzend naar de emaille-achtige afwerking die het resultaat is van het bakken bij lagere temperaturen (meestal tussen 700 en 900 °C).

Kunstenaars kunnen kiezen tussen 'open mediums' die niet aan de lucht drogen, en 'gesloten mediums' die dat wel doen. Een medium dat langer vloeibaar blijft, biedt de kunstenaar meer tijd om te werken en kleuren te mengen. Als het medium hard droogt, kan de kunstenaar lagen kleur opbouwen die in één keer bakken samensmelten, wat ongebruikelijke intensiteit of diepte van kleur kan creëren. Als het medium plakkerig blijft, kan de kunstenaar meer kleur op het oppervlak stuiven, of een bovenglazuurpoeder aanbrengen voor een hoogglans oppervlak. Tijdens het bakken in de oven verdampen de oliën en mediums, smelten de kleurdeeltjes en hechten ze zich aan het glazuur, dat zacht wordt of 'opent'. Het resultaat is een sterke binding tussen kleur en glazuur, en een glanzend oppervlak van het afgewerkte object.

Mechanische Decoratietechnieken

Naast het vrijehand schilderen ontwikkelden zich door de eeuwen heen ook diverse mechanische technieken om porselein te decoreren, wat de productie efficiënter maakte en nieuwe artistieke mogelijkheden bood:

  • Sjabloneren: Reeds in de 17e eeuw in gebruik. Een patroon wordt uit papier gesneden, op het keramiek geplaatst, en de verf wordt door het sjabloon aangebracht.
  • Transferdruk: Dateert van rond 1750. Een patroon wordt gegraveerd op een koperplaat of houten blok, ingevuld met olie- en emailpigment. Dit wordt overgebracht op een speciaal dun tissuepapier ('potter's tissue') en vervolgens op het keramiek gewreven. Deze techniek werd zowel voor onderglazuur als bovenglazuur transfer gebruikt.
  • Lithografie: Uitgevonden in 1797. Een afbeelding wordt getekend met een vet krijt op een gladde steen of zinken oppervlak. Het principe is gebaseerd op de afstoting van water en vet. Voor keramiek werd de afdruk gemaakt op duplexpapier en vervolgens op het geglazuurde oppervlak aangebracht. Deze techniek, met zijn vermogen om fijne details over te brengen, is het meest geschikt voor onglazuurdecoratie.
  • Stempels: In de 19e eeuw werden wortels van natuursponzen gebruikt voor ruwe stempels op aardewerk. In de 20e eeuw werden rubberen stempels geïntroduceerd voor het decoreren van porselein en bone china met goudglanzende randen.
  • Zeefdruk: Voor het eerst geïntroduceerd in Japan in het begin van de 18e eeuw. Het is een verfijning van sjabloneren, waarbij fijne schermen worden gebruikt met geblokkeerde en open gebieden. Tegenwoordig is dit de belangrijkste methode voor het decoreren van keramiek, geschikt voor zowel onderglazuur als onglazuur op gebogen vormen zoals mokken.

De Oorsprong van "Chinees Wit" (Zinkwit)

Naast de verven die direct op porselein werden gebruikt, is er een specifiek wit pigment dat historisch gezien de naam 'Chinees wit' draagt: zinkwit. Dit pigment heeft een interessante geschiedenis die los staat van het porselein zelf, maar er wel een naamgevingsband mee heeft.

Zink is al sinds de oudheid bekend als mineraal, vooral in de vorm van messing (een legering met koper) en als medicinale zalf. Over wie het metaal zink voor het eerst heeft geïsoleerd, bestaan verschillende theorieën, met namen als Henkel (1421) en Margraaf (1746) die genoemd worden. Historici zijn het er echter over eens dat in 1782 zinkoxide werd voorgesteld als een wit pigment. Guyton de Morveau van L'Académie de Dijon in Frankrijk rapporteerde over witte pigmenten en stelde zinkoxide voor als een veiliger alternatief voor loodwit, dat giftig was.

De grootschalige productie van zinkoxide als pigment begon in Europa nadat zinkerts hier werd gevonden. In 1794 en 1796 werden patenten verleend voor de productie van zinkoxide aan de Engelse verffabrikant John Atkinson.

De Opkomst van Chinees Wit

Zinkwit werd rond 1834 geaccepteerd als aquarelverf. Het duurde echter nog enkele jaren voordat de problemen met het gebruik ervan in olieverf werden opgelost. In 1834 introduceerde Winsor and Newton, een gerenommeerd bedrijf uit Londen, een bijzonder dichte vorm van zinkoxide die zij verkochten als 'Chinees wit'. Dit nieuwe zinkwit verschilde van eerdere varianten doordat het zink bij veel hogere temperaturen was verhit. De naam 'Chinees wit' zou zijn afgeleid van het populaire oosterse porselein dat in de 18e en 19e eeuw zeer geliefd was in Europa. Het was een marketingzet die de associatie met de superieure kwaliteit en helderheid van Chinees porselein moest oproepen.

Ondanks aanvankelijke geschillen over de superioriteit ervan, wist Winsor and Newton kunstenaars te overtuigen van de kwaliteit van hun 'Chinees wit'. Tegenwoordig is de naam nog steeds synoniem voor alle zinkwit in aquarelverf.

Voor olieverf werd in 1844 door LeClaire in Parijs een verbeterd zinkwit ontwikkeld. Hij maalde het zinkoxide met maanzaadolie die sneldrogend was gemaakt. Tegen 1850 werd zinkwit op grote schaal geproduceerd in heel Europa.

Eigenschappen van Zinkwit

Zinkwit heeft verschillende kenmerken die het onderscheiden van andere witte pigmenten, zoals loodwit:

EigenschapZinkwit (Chinees wit)Loodwit
Droogtijd in olieRelatief langzaamSneller
OlieabsorptieVereist 23 delen olie per 100 delen pigmentVereist 15 delen olie per 100 delen pigment
ToxiciteitNiet-toxischGiftig
Gevoeligheid voor zwavelNiet gevoelig (verkleurt niet)Wordt zwart door zwavelhoudende lucht/pigmenten
OndoorzichtigheidMinder ondoorzichtigZeer ondoorzichtig
GewichtLichterZwaarder
EconomieEconomischerDuurder
Geschiktheid voor tintenZeer goed, toont nuancesMinder geschikt voor fijne nuances
Filmkwaliteit (onvermengd)Vrij broze droge verffilm, kan barstenStabieler
Gebruik als ondergrondSlechte keuze (barstgevoelig)Traditioneel en stabieler

Zinkwit is in essentie permanent in zonlicht, hoewel de vergeling in olie de helderheid kan beïnvloeden. Het is niet giftig en economischer dan loodwit. Omdat zinkwit zo 'schoon' is, is het zeer waardevol voor het maken van tinten met andere kleuren. Tinten gemaakt met zinkwit tonen elke nuance van de ondertonen van een kleur in grotere mate dan tinten gemaakt met andere witten. Ondanks zijn vele voordelen heeft zinkwit in olieverf ook een nadeel: het vormt een vrij broze droge verffilm wanneer het ongemengd wordt gebruikt. Dit gebrek aan flexibiliteit kan na slechts enkele jaren scheuren in schilderijen veroorzaken als deze kleur te veel puur wordt gebruikt. Om deze reden is het bijvoorbeeld een slechte keuze als ondergrond voor olieverfschilderijen. Echter, in gematigde hoeveelheden voor normale kleurmenging en schilderen is het perfect veilig te gebruiken. Omdat het relatief langzaam droogt, is zinkwit ook nuttig voor accenten, omdat het niet sneller droogt dan de kleur waarover het is geschilderd.

Is Chinees porselein veel waard?
Investeren in Chinees porselein kan zeer lucratief zijn, maar zorg er wel voor dat je goede kwaliteit en authentieke stukken koopt. Er is veel namaak op de (online) markt. Neem de tijd om een expert te worden of vraag advies aan een van onze erkende experts in Aziatische objecten.

Evolutie van Stijlen en Houdingen

De decoratie van aardewerk, faience en porselein ontwikkelde zich door de eeuwen heen. Oorspronkelijk werden bovenglazuurdecoraties vaak gemaakt met zorgvuldig omlijnde ontwerpen die vervolgens werden ingekleurd. Later werden ontwerpen complexer, met bloemen, landschappen of portretten met weinig overschildering of vermenging van kleuren. In de 20e eeuw kwamen china-schildertechnieken meer overeen met olieverf, met gemengde kleuren en ontwerpen waarin aandacht voor licht driedimensionale effecten gaf. Recentelijk is een stijl die meer lijkt op aquarelverven gebruikelijker geworden.

China schilderen werd in de jaren 1870 een modieuze hobby voor welgestelde jonge vrouwen in Engeland en later in Amerika. Hoewel het aanvankelijk als een 'ambacht' werd gecategoriseerd, hebben feministische kunstenaars zoals Judy Chicago het in de jaren 1970 weer tot de status van beeldende kunst verheven. Chicago onderzocht de inspanningen die amateurvrouwen in deze ondergewaardeerde kunstvorm hadden gestoken, en hoe hun creativiteit zich uitte in alledaagse objecten, wat zij zag als een metafoor voor de vaak gedomesticeerde en getrivialiseerde omstandigheden van vrouwen in die tijd. Dit gaf een nieuwe dimensie aan de waardering van de materialen en technieken die door de eeuwen heen zijn gebruikt om Chinese verf en porselein te creëren.

Veelgestelde Vragen over Chinese Verf

Wat is het belangrijkste verschil tussen onderglazuur en bovenglazuur schilderen op porselein?

Het belangrijkste verschil zit in het moment van aanbrengen en de baktemperatuur. Onderglazuurverf wordt aangebracht op ongeglazuurd porselein en vervolgens bedekt met glazuur en gebakken bij zeer hoge temperaturen, waardoor de kleuren versmelten met het glazuur en duurzaam zijn. Bovenglazuurverf wordt aangebracht op reeds geglazuurd porselein en gebakken bij lagere temperaturen. Dit maakt een breder scala aan kleuren mogelijk, inclusief delicate tinten en metaalachtige afwerkingen, maar de verflaag ligt op het glazuur.

Waarom heet zinkwit 'Chinees wit'?

De naam 'Chinees wit' werd in 1834 door Winsor and Newton geïntroduceerd voor hun verbeterde zinkoxide aquarelverf. Deze naam was een slimme marketingzet, bedoeld om een associatie te creëren met de helderheid, zuiverheid en hoge kwaliteit van het immens populaire Chinese porselein dat in die tijd in Europa werd geïmporteerd.

Is Chinese verf giftig?

Traditionele pigmenten, vooral die voor onderglazuurdecoratie, waren gebaseerd op metaaloxiden (zoals kobalt voor blauw) die na het bakken veilig ingekapseld zijn in het glazuur. Wat betreft het pigment 'Chinees wit' (zinkwit), dit is niet-toxisch en veel veiliger dan het historisch gebruikte loodwit. Echter, bij het werken met ongebakken pigmenten is voorzichtigheid altijd geboden, en het is aan te raden veiligheidsrichtlijnen te volgen.

Kan ik zelf Chinees porselein beschilderen?

Ja, porselein schilderen is al lang een populaire hobby, vooral in de Victoriaanse tijd. Er zijn veel commercieel verkrijgbare 'blanks' (ongeverfde, geglazuurde porseleinen objecten) en speciale porseleinverven (meestal bovenglazuurverven) die thuis kunnen worden aangebracht en vervolgens in een speciale oven of zelfs een huishoudelijke oven kunnen worden gebakken, afhankelijk van het type verf en de instructies.

Zijn de materialen voor Chinese porseleinverf duur?

De kosten variëren. Traditionele pigmenten, vooral die met zeldzame mineralen of edele metalen zoals goud, kunnen duur zijn. Voor hobbyisten zijn er echter betaalbare sets verkrijgbaar. De prijs van het porseleinen 'blank' zelf hangt af van de grootte en complexiteit. Over het algemeen is het een kunstvorm die toegankelijk kan zijn, afhankelijk van de ambities en materialenkeuzes.

Conclusie

De wereld van Chinese verf is rijk en divers, strekkend van de diepgewortelde tradities van porseleindecoratie tot de specifieke chemische samenstelling van pigmenten zoals 'Chinees wit'. Het is een testament aan de vindingrijkheid en het artistieke meesterschap dat door de eeuwen heen is ontwikkeld. Of het nu gaat om de delicate penseelstreken van een onderglazuurlandschap of de innovatieve formulering van een wit pigment dat de kunstwereld veranderde, Chinese verf blijft een fascinerend onderwerp dat de kruising van kunst, wetenschap en geschiedenis belichaamt.

Als je andere artikelen wilt lezen die lijken op Chinese Verf: Van Porselein tot Pigment, kun je de categorie Verf bezoeken.

Go up