Wat gebeurt er als ik acrylverf met olie meng?

Olieverf: Onderlagen en de Oude Meesters Techniek

23/08/2021

Rating: 4.4 (15737 votes)

In de wereld van de schilderkunst zijn er talloze technieken en materialen die kunstenaars kunnen gebruiken om hun visie tot leven te brengen. Twee van de meest populaire mediums zijn acryl- en olieverf, elk met hun eigen unieke eigenschappen. Maar hoe verhouden deze zich tot elkaar, vooral als het gaat om het gebruik van de één als onderlaag voor de ander? En wat kunnen we leren van de oude meesters als het gaat om het opbouwen van een schilderij?

De compatibiliteit van verfsoorten is een fundamenteel aspect van duurzame kunst. Het verkeerd combineren van mediums kan leiden tot onherstelbare schade aan uw kunstwerk, zoals barsten, afbladderen of verkleuringen. Een veelgestelde vraag is dan ook: 'Kan acryl onder olieverf gebruikt worden?' Het antwoord hierop, volgens de traditionele en meest veilige benadering, is een duidelijke 'nee' als het gaat om het aanbrengen van olieverf op een reeds geschilderde acryllaag. Olieverf vereist een specifieke ondergrond om goed en duurzaam te hechten. U kunt olieverf namelijk uitsluitend aanbrengen op een onderlaag die speciaal is voorbereid voor olieverf, oftewel een olieverfonderlaag. Het is cruciaal om te begrijpen dat als u acrylverf over een bestaande olieverflaag aanbrengt, de verf na verloop van tijd zal barsten en afbladderen. Dit komt doordat acrylverf simpelweg niet goed hecht aan olieverf. Dit principe, bekend als het 'vet over mager' principe (of eigenlijk, hier, het vermijden van 'vet over mager' in de verkeerde richting, en het probleem van hechting), is essentieel voor de levensduur van uw kunstwerk.

Kan ik olieverf over acrylverf schilderen?
Vaak wordt acrylverf voor de onderschildering bij olieverf gebruikt. Olieverf hecht op acryl. Andersom kan echter niet, de olie stoot het water in de acryl af.

De reden voor deze incompatibiliteit ligt in de chemische samenstelling en droogprocessen van beide verfsoorten. Olieverf droogt door oxidatie, een langzaam proces waarbij de olie uithardt en een relatief stugge film vormt. Acrylverf daarentegen droogt door verdamping van water, wat resulteert in een flexibele, kunststofachtige film. Wanneer een stugge laag (olie) over een flexibele laag (acryl) wordt aangebracht, kan de oliebarst door de beweging van de onderliggende acryllaag. Bovendien is de hechting van olieverf op een niet-absorberende, gladde acryllaag vaak onvoldoende, wat leidt tot delaminatie. Het is dus van vitaal belang om de juiste materialen te kiezen en de correcte lagenvolgorde te hanteren om de integriteit van uw schilderijen te waarborgen voor de lange termijn.

Inhoudsopgave

De Kunst van de Onderschildering: Schilderen als de Oude Meesters

Nu we de basisregels van verfcompatibiliteit hebben besproken, duiken we dieper in een fascinerende techniek die al eeuwenlang wordt toegepast door de grootste kunstenaars: de onderschildering. Deze methode, die vaak wordt geassocieerd met de oude meesters uit de Barokperiode zoals Rembrandt van Rijn, Frans Hals en Johannes Vermeer, vormt de ruggengraat van een gelaagd olieverfschilderij. Het is een proces dat de organisatie van licht en schaduw, de compositie en de vorm al in een vroeg stadium vastlegt, nog voordat de uiteindelijke kleuren worden aangebracht.

Waarom een Onderschildering?

De Barokperiode stond bekend om zijn dramatische licht-donker contrasten, ook wel chiaroscuro genoemd. Deze sterke toonwaarden waren cruciaal voor het creëren van diepte en emotie in de schilderijen. Het grote voordeel van het werken met een onderschildering is dat u zich volledig kunt concentreren op de compositie en de vorm van uw onderwerp, zonder afgeleid te worden door kleurkeuzes. Dit stelt de kunstenaar in staat om de licht- en schaduwpartijen nauwkeurig te definiëren en het volume van objecten en figuren te modelleren. De kleuren worden pas in latere lagen toegevoegd, wat resulteert in een rijkere, meer luminieuze en gelaagde uitstraling.

Stappenplan voor een Klassieke Onderschildering

Het proces van een onderschildering omvat meestal twee belangrijke fases: de imprimatura en de doodverf.

Stap 1: De Imprimatura – De Gekleurde Ondergrond

Voordat de eigenlijke onderschildering begint, wordt een dunne, transparante laag verf aangebracht over het hele doek of paneel. Dit wordt de imprimatura genoemd. In de Barokperiode werd vaak een gekleurde ondergrond gebruikt omdat de sterke licht-donker contrasten (toon) hierop beter zichtbaar waren. Voor een klassieke aanpak, zoals vaak door de oude meesters gebruikt, kunt u een grote kwast gebruiken om een dunne laag rauwe omber over uw getekende portret of compositie aan te brengen. Deze kleur fungeert als de grondtoon van uw schilderij en helpt alle latere kleuren in hun context te plaatsen. De imprimatura zorgt voor een uniforme, warme of koele basis die de schildering samenhang geeft en helpt bij het inschatten van de waarden.

Stap 2: De Doodverf (Grisaille of Grauwtje) – Licht en Schaduw Modelleren

Na de imprimatura volgt de 'doodverf', ook wel bekend als grisaille of grauwtje. Dit is de fase waarin de compositie wordt aangelegd, wat betekent dat de lichte en donkere partijen elk in hun toonwaarde worden opgezet. Het doel is om het hele portret of landschap op te bouwen in puur toon, met behulp van slechts twee kleuren. Traditioneel worden hiervoor rauwe omber en titaanwit gebruikt. Door deze twee olieverfkleuren te mengen, kunt u een breed scala aan grijstinten creëren, van bijna zwart tot bijna wit. De huid in een gezicht, bijvoorbeeld, heeft veel licht/donker contrasten. U schildert het hele portret dus in toon, waarbij u voor de eerste laag een heel klein beetje rauwe omber mengt in titaanwit, zodat de kleur ongeveer een 10% toon heeft. Met deze lichte mengkleur tekent u het portret op het gekleurde doek, waarbij u de vormen en volumes begint te definiëren. Dit proces is te vergelijken met het modelleren van een sculptuur met licht en schaduw, waarbij u de driedimensionaliteit van het onderwerp benadrukt.

Wat is de beste ondergrond voor olieverf?
Onder andere papier, karton, hout, katoen en linnen kunnen dienen als ondergrond voor olieverf, maar niet zonder eerst te zijn behandeld. Een onbehandelde of onvoldoende geprepareerde ondergrond zuigt de olie uit de verf en wordt op den duur door de olie aangetast.

De Rol van Toon en Contrast

Het concept van 'toon' (lichtheid of donkerheid van een kleur) is de ruggengraat van de onderschildering. Door zich uitsluitend te richten op toonwaarden, kunnen kunstenaars de meest effectieve composities creëren. De sterke licht-donker contrasten die zo kenmerkend zijn voor de Barok, komen pas echt tot hun recht wanneer ze zorgvuldig zijn opgebouwd in de onderschildering. Het stelt de schilder in staat om het verhaal van licht en schaduw te vertellen, de nadruk te leggen op belangrijke elementen en de blik van de kijker te leiden door het kunstwerk.

Verfijning en Correctie

Een voordeel van de onderschildering is dat u onderweg nog gemakkelijk correcties kunt aanbrengen. Mocht u iets willen wijzigen in de toon of vorm, dan doet u dat eenvoudig met witte olieverf. Dit maakt het proces minder intimiderend en geeft de kunstenaar de vrijheid om te experimenteren en te perfectioneren voordat de kleur wordt geïntroduceerd. Wanneer u tevreden bent met uw onderschildering, kunt u het schilderij eventueel nog een transparante witte laag (een dunne laag wit) over de opzet heen geven. Vooral de Venetiaanse school, met meesters als Titiaan, werkten veel op deze manier. Hierdoor worden alle contrasten kleiner, wat het mogelijk maakt om ook de donkerste partijen later nog een subtiele kleur te geven en een zachte gloed te creëren.

De Oude Meesters in de Praktijk

De methoden van de oude meesters waren gevarieerd, maar de principes van gelaagdheid en aandacht voor toon waren universeel:

  • Rembrandt van Rijn: Rembrandt stond bekend om zijn 'zeer brede, met die van het 19e-eeuwse impressionisme vergelijkbare, nauwelijks glacerende en meest in de natte verf werkende techniek'. Hij legde de nadruk op het creëren van diepe, rijke texturen en het vangen van licht, vaak met een meer directe, 'alla prima'-achtige benadering bovenop een stevige onderbouw.
  • Frans Hals: Frans Hals tekende vermoedelijk met krijt of verf, waarbij 'slechts de hoofdzakelijke omtrekken' werden aangegeven, wat ruimte liet voor wijzigingen tijdens het schilderen. Na de schets 'doodverfde' Hals het geheel en daarna schilderde hij dadelijk alles af, inclusief de details. Dit duidt op een snellere, meer spontane afwerking na een solide onderlaag.

Deze historische inzichten benadrukken het belang van een doordachte aanpak in de beginfase van het schilderproces. De onderschildering is niet zomaar een stap; het is een fundament dat de kwaliteit en expressie van het uiteindelijke kunstwerk bepaalt.

Materialen en het 'Vet over Mager' Principe

Voor een succesvolle olieverfschildering met onderschildering zijn de juiste materialen en een goed begrip van het 'vet over mager' principe essentieel. U heeft nodig:

  • Olieverf: Rauwe omber en titaanwit zijn de basis voor de grisaille. Daarnaast natuurlijk de kleuren voor de latere lagen.
  • Mediums: Terpentijn (of reukloze terpentine) voor de eerste, 'magere' lagen en lijnolie (of een mengsel van lijnolie en terpentijn) voor de 'vettere' lagen.
  • Kwastjes en palet: Een selectie van kwasten voor verschillende details en een palet om uw kleuren te mengen.
  • Olieverfonderlaag: Uw doek of paneel moet zijn voorbereid met een geschikte olieverfonderlaag, zoals traditionele gesso op basis van dierlijke lijm of een olieprimer.

Het 'vet over mager' principe is een gouden regel in de olieverfschilderkunst. Het betekent dat elke volgende laag meer olie (vetter) moet bevatten dan de vorige laag (magerder). Dit zorgt ervoor dat de bovenste lagen flexibeler blijven en langzamer drogen dan de onderliggende lagen, waardoor barsten en craqueleren worden voorkomen. Een magere laag, die sneller droogt, vormt een stabiele basis voor de vettere, langzamer drogende lagen daarbovenop.

De droogtijd van olieverf kan variëren van enkele dagen tot weken, afhankelijk van de dikte van de verflaag, de gebruikte pigmenten en de omgevingsfactoren (temperatuur, luchtvochtigheid). Het is cruciaal om elke laag volledig te laten drogen voordat u de volgende aanbrengt, vooral bij de onderschildering, om problemen op de lange termijn te voorkomen.

Veelgestelde Vragen over Olieverf en Onderschildering

VraagAntwoord
Kan ik acrylverf gebruiken als onderlaag voor olieverf?Nee, strikt genomen niet. Olieverf hecht het beste en meest duurzaam op een olieverfonderlaag. Acrylverf kan problemen met hechting en flexibiliteit veroorzaken, wat leidt tot barsten en afbladderen van de olieverflaag.
Wat is het 'vet over mager' principe?Dit principe stelt dat elke volgende laag olieverf 'vetter' (meer olie bevat) moet zijn dan de vorige laag. Dit voorkomt barsten doordat de bovenste lagen flexibeler blijven en langzamer drogen dan de onderliggende, sneller drogende lagen.
Hoe lang moet ik wachten tot een olieverflaag droog is?De droogtijd varieert sterk afhankelijk van de dikte van de laag, het type pigment en de omgevingsfactoren. Dunne lagen kunnen binnen enkele dagen droog zijn, terwijl dikkere lagen weken tot maanden nodig kunnen hebben om volledig door te drogen. Raadpleeg de specificaties van uw verf.
Waarom is een onderschildering zo belangrijk?Een onderschildering helpt bij het vaststellen van de compositie, vorm en licht-donkerwaarden (toon) voordat kleur wordt toegevoegd. Dit stelt de kunstenaar in staat om zich te concentreren op de structuur van het schilderij en resulteert in een diepere, meer gelaagde en luminieuze afwerking.
Moet ik altijd een onderschildering maken?Nee, niet noodzakelijk. Sommige kunstenaars geven de voorkeur aan direct schilderen (alla prima). Echter, voor complexe composities, portretten of werken die diepte en rijkdom vereisen, biedt een onderschildering aanzienlijke voordelen voor de controle en kwaliteit van het eindresultaat.
Welke kleuren zijn het beste voor een grisaille?Traditioneel worden rauwe omber en titaanwit gebruikt. Deze combinatie biedt een breed scala aan neutrale grijstinten die ideaal zijn voor het modelleren van vorm en toon. Andere aardkleuren zoals gebrande sienna of omber kunnen ook worden gebruikt.

Het begrijpen en toepassen van deze technieken en principes zal uw schilderkunst naar een hoger niveau tillen. Door te leren van de oude meesters en de basisregels van materiaalcompatibiliteit te respecteren, creëert u niet alleen visueel aantrekkelijke kunstwerken, maar ook werken die de tand des tijds kunnen doorstaan.

Als je andere artikelen wilt lezen die lijken op Olieverf: Onderlagen en de Oude Meesters Techniek, kun je de categorie Verf bezoeken.

Go up